Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 17

Artikel 17

Onderdeel van Aanpassingswet derde tranche Awb I· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1998

Met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet: komen de taken en bevoegdheden van het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de heffing van gemeentelijke belastingen ten aanzien van belastingaanslagen die voor dat tijdstip reeds zijn vastgesteld, toe aan de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaar; worden de vaststelling van en de werkzaamheden in het kader van de heffing van gemeentelijke belastingen met betrekking tot de in onderdeel a bedoelde belastingaanslagen die voor dat tijdstip door of namens het college van burgemeester en wethouders zijn verricht, geacht te zijn verricht door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaar; komen de taken en bevoegdheden van het college van gedeputeerde staten met betrekking tot de heffing van provinciale belastingen ten aanzien van belastingaanslagen die voor dat tijdstip reeds zijn vastgesteld, toe aan de in artikel 227a, tweede lid, onderdeel b, van de Provinciewet bedoelde ambtenaar; worden de vaststelling van en de werkzaamheden in het kader van de heffing van provinciale belastingen met betrekking tot de in onderdeel c bedoelde belastingaanslagen die voor dat tijdstip door of namens het college van gedeputeerde staten zijn verricht, geacht te zijn verricht door de in artikel 227a, tweede lid, onderdeel b, van de Provinciewet bedoelde ambtenaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel