De aanstelling van een geestelijk verzorger van boeddhistische, hindoeïstische, islamitische, joodse, protestantse of rooms-katholieke gezindte of een geestelijk verzorger behorend tot het humanistisch verbond geschiedt door of vanwege Onze Minister op voordracht van de betrokken hoofdgeestelijke, genoemd in artikel 24, eerste lid.
Hoofdstuk 6
Artikel 26
Artikel 26
Onderdeel van Penitentiaire maatregel· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021