**1.** Het onderwijs, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, omvat ten minste:
400 uren cursorisch onderwijs;
50 uren leertherapiesessies;
500 uren psychotherapiesessies;
150 uren supervisiesessies waarvan er ten minste 50 betrekking hebben op de behandeling van individuele volwassen patiënten.
**2.** Het cursorische onderwijs omvat ten minste de volgende onderwerpen:
algemene aspecten van de psychotherapie;
gespreks- en interactietraining, gericht op de praktische toepassing daarvan in de psychotherapie;
intake en indicatiestelling;
psychopathologie;
specifieke problemen van de verschillende leeftijdsgroepen en maatschappelijke groeperingen, waaronder cultuurgebonden problematiek;
de psychotherapeutische referentiekaders, zijnde de psycho-analytische therapie, de gedragstherapie, de rogeriaanse therapie en de systeemtherapie die zijn gebaseerd op onderscheidelijk de psycho-analytische theorieën, de leer- en cognitieve theorieën, de experiëntiële theorieën en de systeemtheorieën;
inleiding in de toepassing van behandelingsmethoden vanuit de psychotherapeutische referentiekaders;
inleiding in de basisbegrippen en de kenmerken van groepsprocessen;
kenmerken van de ambulante, de dag- en de klinische behandelingssituatie;
beroepsethiek;
recente ontwikkelingen van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de psychotherapie;
kwaliteit van de praktijkvoering en de beroepsuitoefening;
betrekken van beschikbaar wetenschappelijk bewijs bij beslissingen en handelingen in de praktijk.
**3.** De opleiding, bedoeld in artikel 3, bestaat voorts uit ten minste twee vervolgcursussen over de toepassing van behandelingsmethoden in twee verschillende door de aspirant-psychotherapeut te kiezen psychotherapeutische referentiekaders.
§ 2
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Besluit psychotherapeut· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024