Naar hoofdinhoud

Artikel VIII

Werkdruk (onderdeel 6.1. van de overeenkomst)

Onderdeel van Arbeidsvoorwaarden en andere personeelsaangelegenheden in de sector Rijk 1999-2000· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 28 juni 1999

Werkdruk wordt gezien als serieus vraagstuk dat om een stevige aanpak vraagt. De ministeries worden opgeroepen om in overleg met de medezeggenschapsorganen maatregelen te treffen: maatregelen om de werkdruk te verminderen, indien daarvan sprake is, èn maatregelen om werkdruk te voorkomen. Dit gebeurt concreet door: overleg van het SOR met het ministerie van SZW over de opstelling van een intentieverklaring ter voorbereiding van een Arbo-convenant; onderzoek door het SOR naar ondersteuning door het A+O-fonds; het ter beschikking stellen van de door de Samenwerkende Centrales van Overheidspersoneel ontwikkelde werkdrukscan. De ministeries worden opgeroepen om elkaar en het SOR over de maatregelen te informeren, om de ondersteunende rol van het SOR verder inhoud te geven. De aanpak van werkdruk vereist maatwerk, per departement of departementsonderdeel. De rol van BZK bestaat uit: ondersteuning van de departementen waar nodig, zoals bij het organiseren van een conferentie over werkdruk; het coördineren van de inbreng in het SOR; het opstellen van de intentieverklaring ter voorbereiding van een Arbo-convenant ten behoeve van het SOR. Door een aantal departementen zijn al maatregelen genomen, vooral om werkdruk in kaart te brengen, maar ook ter voorkoming daarvan. Voorzover dat nog niet is gebeurd zal in overleg met medezeggenschapsorganen moeten worden geïnventariseerd waar zich te hoge werkdruk voordoet en wat de oorzaken daarvan zijn. Verder zullen zonodig maatregelen moeten worden getroffen om deze werkdruk te verminderen of te voorkomen, in het bijzonder bij reorganisatieprocessen.

Rechtspraak bij dit artikel