Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I › § 2

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Rijksbesluit uitvoeringsbepalingen militair straf- en tuchtrecht· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Met betrekking tot het tijdstip van ingang van de bijkomende straf van ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, genoemd in artikel 36 van het Wetboek van Militair Strafrecht, of de luchtvaart uit te oefenen, genoemd in artikel 36a van die wet, en de daaraan verbonden administratieve gevolgen wordt die straf gelijkgesteld met de overeenkomstige straf van het burgerlijk strafrecht van het rijksdeel, waar de veroordeelde op het tijdstip van het onherroepelijk worden van de rechterlijke uitspraak woont, of, zo hij op dat tijdstip militair is, is gestationeerd. Is de veroordeelde buiten het Koninkrijk woonachtig onderscheidenlijk gestationeerd, dan vindt gelijkstelling met de overeenkomstige straf in het Wetboek van Strafrecht van het Europese deel van Nederland plaats. 2. Indien met toepassing van het eerste lid het tijdstip van ingang van de daar genoemde bijkomende straffen niet kan worden bepaald, gaan zij in zodra de rechterlijke uitspraak uitvoerbaar is geworden. 3. Bij de oplegging van de bijkomende straf van ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, verliest een aan de veroordeelde door Onze Minister van Defensie afgegeven militair rijbewijs zijn geldigheid voor de duur van de ontzegging, zodra de rechterlijke uitspraak uitvoerbaar is geworden. 4. De veroordeelde is verplicht het betrokken rijbewijs binnen acht dagen nadat het zijn geldigheid heeft verloren, op eerste vordering over te geven aan een door het met de tenuitvoerlegging belaste gezag aangewezen opsporingsambtenaar. De ambtenaar zendt het bewijs onverwijld naar dat gezag. 5. Indien een militair de bijkomende straf van ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen is opgelegd, geeft het openbaar ministerie daarvan kennis aan Onze Minister van Defensie. De datum waarop deze bijkomende straf onherroepelijk wordt of is geworden, wordt eveneens medegedeeld. Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel