Indien bestanddelen van het vermogen van een in Nederland gedreven onderneming of zelfstandig gedeelte van een onderneming, waaruit de belastingplichtige winst geniet, worden overgebracht naar een buiten Nederland gedreven onderneming waaruit de belastingplichtige winst geniet en de belastingplichtige gelijktijdig of daarna ophoudt binnenlands belastingplichtig te zijn, worden die bestanddelen op het tijdstip onmiddellijk voorafgaande aan het ophouden van de binnenlandse belastingplicht en voorzover zij nog behoren tot het vermogen van de onderneming, geacht te zijn vervreemd tegen de waarde in het economische verkeer.
De inwerkingtredingsdatum van de artikelen 3.16, 3.120, 4.15 en
5.4 is gewijzigd door hoofdstuk 3, art. II van Invoeringswet IB.
Hoofdstuk 3 › Afdeling 3.2 › Paragraaf 3.2.2
Artikel 3.60
Overbrenging vermogensbestanddelen naar het buitenland
Onderdeel van Wet inkomstenbelasting 2001· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2001