Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Afdeling 5.3A

Artikel 5.16b

Begrenzing nettolijfrente

Onderdeel van Wet inkomstenbelasting 2001· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

1. De jaarlijkse premie ter zake van alle nettolijfrenten van de belastingplichtige gezamenlijk bedraagt ten hoogste het percentage, genoemd in artikel 3.127, eerste lid, vermenigvuldigd met de nettofactor, bedoeld in artikel 5.16, vierde lid, van het gezamenlijke bedrag in het voorafgaande kalenderjaar van de inkomensbestanddelen, bedoeld in artikel 3.127, derde lid, onderdelen a tot en met d, voor zover dit bedrag het in artikel 3.127, derde lid, als eerste vermelde bedrag overtreft. 2. De ten hoogste in aanmerking te nemen premie, bedoeld in het eerste lid, wordt verminderd met de premie die in het voorafgaande kalenderjaar is ingelegd ten behoeve van een nettopensioenregeling als bedoeld in artikel 5.17, eerste lid. 3. Artikel 3.127, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bedrag, genoemd in artikel 3.127, tweede lid, wordt vermenigvuldigd met de nettofactor, bedoeld in artikel 5.16, vierde lid. 4. Artikel 3.127, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel