Bij, of in het vooruitzicht van, bijzondere omstandigheden, waaronder omstandigheden waarbij de functionaliteit van innamepunten en/of noodinlaten als bedoeld in de artikelen 3 en 4 in het geding is, kan door Rijkswaterstaat directie Zuid-Holland dan wel door de betrokken waterschappen, waterbedrijven of regionale Milieu-inspecties spoedberaad worden geëntameerd over afwijking van het sluisbeheer als bedoeld in artikel 1, lid 2 en over andere mogelijke maatregelen. De wijze waarop het spoedberaad wordt geëntameerd wordt in het protocol als bedoeld in de artikelen 3 en 4, vastgelegd.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Besluit Beheer Haringvlietsluizen· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 11 juni 2000