Naar hoofdinhoud

Artikel 3

De aanvang van de bekostiging in relatie met de opheffing van basisscholen

Onderdeel van Instandhouding van basischolen· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 26 juli 2000

Bij mij is aandacht gevraagd hoe te handelen bij een dreigende opheffing van een school die op basis van een prognose één jaar later weer van start kan gaan. Om te voorkomen dat er een gat van één jaar ontstaat in het onderwijs aan een school volgt hieronder een toelichting hoe in een dergelijke situatie het best kan worden gehandeld. Het gaat er hierbij om dat schoolbesturen alert zijn op de situatie die kan gaan ontstaan. Aan de hand van een voorbeeld zal ik een nadere uitleg verstrekken. Er is een basisschool die al gedurende meerdere jaren onder de opheffingsnorm verkeert. De in de WPO opgenomen uitzonderingsbepalingen op grond waarvan de opheffing van de school zou kunnen worden voorkomen, bieden geen uitkomst waardoor opheffing van de school onvermijdbaar is. Tegelijkertijd is het echter bekend dat bijvoorbeeld door de ontwikkelingen in de woningbouw op dezelfde datum als waarop de school moet worden opgeheven, er een nieuwe school van dezelfde richting in deze gemeente van start kan gaan omdat uit de prognosecijfers blijkt dat die school binnen vijf jaar en voorts gedurende tenminste 15 jaar na die periode van vijf jaar zal worden bezocht door het wettelijk vereiste aantal leerlingen. Indien deze situatie zich voordoet, moet het schoolbestuur een aanvraag indienen bij het gemeentebestuur om ervoor zorgen dat de formeel op te heffen school voorkomt op een gemeentelijk plan van scholen, waardoor er op dezelfde datum als waarop de school moet worden opgeheven, een nieuwe basisschool van start kan gaan. Aangezien de planprocedure basisonderwijs, zoals beschreven in de artikelen 73 en verder van de WPO, een lange doorlooptijd kent, dient het schoolbestuur zich een en ander tijdig te realiseren. Dit betekent dat bijna één jaar voordat voldoende zekerheid bestaat omtrent het al dan niet voortbestaan van de school, de planprocedure voor de nieuwe school opgestart dient te worden. Immers, eerst op 1 oktober van enig jaar wordt duidelijk of de bekostiging van een school met ingang van 1 augustus daaropvolgend kan worden voortgezet. Indien dit niet het geval blijkt en tegelijkertijd lijkt schoolstichting via de reguliere planprocedure mogelijk, dan dient al vóór 1 februari van het jaar waarin ook de bepalende teldatum 1 oktober valt, die procedure bij de gemeente te worden opgestart. Aan deze handelwijze valt niet te ontkomen: de wet kent niet de mogelijkheid om scholen in stand te houden vanwege een te verwachten aantal leerlingen. Op basis van een prognose is het echter uiteraard wel mogelijk een basisschool te stichten. Indien schoolbesturen alert zijn op deze situatie kan worden voorkomen dat een gat in de bekostiging ontstaat van één jaar.

Rechtspraak bij dit artikel