Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Afdeling 5 › Paragraaf 1

Artikel 3.107

Artikel 3.107

Onderdeel van Vreemdelingenbesluit 2000· Migratierecht

Deze tekst geldt sinds 12 juni 2026

1. Indien artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag aan het verlenen van een verblijfsvergunning aan de vreemdeling op grond van artikel 29, eerste lid, van de Wet in de weg staat, wordt aan die vreemdeling evenmin een verblijfsvergunning verleend op één van de andere gronden bedoeld in de artikelen 29a, 29b, 29c of 29d, van de Wet. 2. Aan het gezinslid, bedoeld in de artikelen 29c, eerste lid, of 29d, eerste lid, van de Wet, van de vreemdeling ten aanzien van wie artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag aan het verlenen van een verblijfsvergunning asiel in de weg staat, wordt geen verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28 van de Wet verleend, tenzij dit gezinslid aannemelijk heeft gemaakt dat zijn aanvraag is gegrond op omstandigheden die zelfstandig een rechtsgrond voor verlening van de verblijfsvergunning asiel op grond van de artikelen 29 of 29a van de Wet vormen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel