**1.** Ingeval bij de toepassing van artikel 45d, eerste lid, onder b, van de Wet een andere lidstaat van de Europese Unie heeft bevestigd dat de vreemdeling nog steeds in die staat internationale bescherming geniet, zet Onze Minister de vreemdeling uit naar die staat.
**2.** In afwijking van het eerste lid en met inachtneming van de voor Nederland geldende internationale verplichtingen kan Onze Minister de vreemdeling, bedoeld in het eerste lid, uitzetten naar een andere staat dan de staat die de internationale bescherming heeft verleend, indien is voldaan aan artikel 14, eerste lid, onderdelen d of e, van de Kwalificatieverordening.
**3.** Bij de verwijdering in de gevallen, bedoeld in het tweede lid en artikel 3.103aa, derde lid, onder a dan wel b, wordt het beginsel geëerbiedigd van non-refoulement, met inachtneming van de voor Nederland geldende internationale verplichtingen.
Hoofdstuk 3 › Afdeling 6 › Paragraaf 2
Artikel 3.128
Artikel 3.128
Onderdeel van Vreemdelingenbesluit 2000· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 12 juni 2026