Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 27

Berekening fiscaal effect

Onderdeel van Wet bevordering eigenwoningbezit· Wonen, onroerend goed, bouwrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2014

1. Het fiscaal effect wordt verkregen door de tot een bedrag herleide financieringslastnorm te vermenigvuldigen met: voor eenpersoonshuishoudens en tweepersoonshuishoudens, indien het toetsinkomen minder bedraagt dan of gelijk is aan het laagste bedrag, genoemd in de tabel onder II bij artikel 2.10, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dit luidt in het bijdragejaar: 0,29; voor eenpersoonshuishoudens en tweepersoonshuishoudens, indien het toetsinkomen meer bedraagt dan het laagste bedrag, genoemd in de tabel onder II bij artikel 2.10, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dit luidt in het bijdragejaar: 0,33; voor eenpersoonsouderenhuishoudens en tweepersoonsouderenhuishoudens, indien het toetsinkomen minder bedraagt dan of gelijk is aan het laagste bedrag, genoemd in de tabel onder II bij artikel 2.10, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dit luidt in het bijdragejaar: 0,13, en voor eenpersoonsouderenhuishoudens en tweepersoonsouderenhuishoudens, indien het toetsinkomen meer bedraagt dan het laagste bedrag, genoemd in de tabel onder II bij artikel 2.10, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals dit luidt in het bijdragejaar: 0,16. 2. De in het eerste lid genoemde factoren kunnen worden gewijzigd overeenkomstig artikel 41.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel