Als referent van een vreemdeling die arbeid voor een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht of wil verrrichten kan slechts optreden:
een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie met rechtspersoonlijkheid, of
een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie die deel uitmaakt van een organisatie die rechtspersoonlijkheid heeft.
Artikel III van Stcrt. 2013/9199 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet modern migratiebeleid in werking treedt.
Hoofdstuk 1 › Afdeling 2 › Paragraaf 1
Artikel 1.10
Artikel 1.10
Onderdeel van Voorschrift Vreemdelingen 2000· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 2013