Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Afdeling 2 › Paragraaf 2

Artikel 3.24aa

Artikel 3.24aa

Onderdeel van Voorschrift Vreemdelingen 2000· Migratierecht

Deze tekst geldt sinds 4 september 2025

1. Als categorieën vreemdelingen, bedoeld in artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, van het Besluit, zijn aangewezen vreemdelingen met het volgende verblijfsdoel: verblijf in het kader van remigratie op grond van de Remigratiewet; verblijf in het kader van verwesterde schoolgaande minderjarige vrouwen voor vreemdelingen met de Afghaanse nationaliteit; verblijf in het kader van plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996; verblijf als vreemdeling die zich in de terminale fase van een ziekte bevindt; verblijf op basis van de duurzaamheids- en proportionaliteitsbeoordeling van vreemdelingen aan wie artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag is tegengeworpen; verblijf als minderjarige vreemdeling met een kinderbeschermingsmaatregel; verblijf in het kader van beschermde getuige in het beschermingsprogramma van de politie; verblijf als mensenrechtenverdediger. 2. Als categorieën vreemdelingen, bedoeld in artikel 3.51, vierde lid, van het Besluit, zijn aangewezen vreemdelingen met het volgende verblijfdoel: verblijf als oud-Nederlander in het kader van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder b, d en e van de Rijkswet op het Nederlanderschap; verblijf in het kader van de Afsluitingsregeling Definitieve Regeling langdurig verblijvende kinderen; verblijf wegens bijzondere individuele omstandigheden na verblijf als familie- of gezinslid; verblijf na verblijf als slachtoffer van mensenhandel die hiervan geen aangifte kan of wil doen; verblijf na verblijf als slachtoffer van (dreigend) eergerelateerd geweld of van (dreigend) huiselijk geweld; verblijf na verblijf als slachtoffer of slachtoffer-aangever van mensenhandel; verblijf na verblijf als getuige aangever van mensenhandel; verblijf in het kader van de uitoefening van het privéleven, bedoeld in artikel 8 EVRM; verblijf in het kader van plaatsing in een pleeggezin of instelling op verzoek van een ander land op grond van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996; verblijf als minderjarige vreemdeling met een kinderbeschermingsmaatregel; verblijf in het kader van beschermde getuige in het beschermingsprogramma van de politie; verblijf van gezinsleden van houders van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ verleend na verblijf in het kader van medische behandeling; vervallen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel