Naar hoofdinhoud

Artikel VI

Artikel VI

Onderdeel van Wijzigingsbesluit Besluit eindejaarsuitkering rechterlijke ambtenaren, enz. (uitvoering Arbeidsvoorwaardenovereenkomst 1999-2000 sector Rechterlijke Macht)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2001

1. Een kantonrechter of een vice-president van een arrondissementsrechtbank die is aangewezen als coördinerend kantonrechter, geniet gedurende de periode van die aanwijzing, in plaats van het salaris behorende bij het ambt van kantonrechter of vice-president van een arrondissementsrechtbank, het salaris behorende bij het ambt van coördinerend vice-president van een arrondissementsrechtbank. 2. In afwijking van artikel 14 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren worden kantonrechters of vice-presidenten van een arrondissementsrechtbank, die zijn aangewezen als coördinerend kantonrechter, in salariscategorie 7 ingepast op het bedrag dat in die categorie het naast hogere bedrag is van het naast hogere bedrag. 3. De toelage die een kantonrechter of een vice-president van een arrondissementsrechtbank in verband met zijn aanwijzing als coördinerend kantonrechter geniet op grond van artikel 46, eerste lid, onder a, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, vervalt. 4. Gedurende zijn aanwijzing als zodanig ontvangt een coördinerend kantonrechter de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 1 van het Besluit onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren, die behoort bij het ambt van coördinerend vice-president van een arrondissementsrechtbank. Artikel I werkt terug tot en met 1 januari 1999. Artikel II, onderdelen A, onder a, C, onder a en b, werken terug tot en met 1 februari 1997. Artikel II, onderdeel B, III, IV, V en VI werken terug tot en met 1 januari 2000.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel