De omvang van het budget wordt per school vastgesteld op basis van:
het aantal leerlingen;
het aantal ambulant begeleide leerlingen; en
het aantal cumi-leerlingen.
Het schoolbudget voor ontwikkeling en ondersteuning van scholen en afdelingen voor speciaal voortgezet onderwijs voor lom en mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging wordt gevormd door de som van:
het aantal leerlingen1Het aantal leerlingen van scholen en afdelingen voor svo-lom en svo-mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 234 van de WVO. Hierbij wordt uitgegaan van de gegevens zoals die door het bevoegd gezag worden geleverd. Indien het definitieve door de accountant vastgestelde leerlingaantal daarvan afwijkt, kan een herrekening van de omvang van het budget plaatsvinden. vermenigvuldigd met € 88,17 (ƒ 194,31);
het aantal ambulant begeleide leerlingen vermenigvuldigd met € 15,49 (ƒ 34,14);
het aantal cumi-leerlingen2Het aantal leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond, bedoeld in artikel 12 van het Formatiebesluit WVO vermenigvuldigd met € 31,83 (ƒ 70,14) en
indien de school op 1 oktober 2000 wordt bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen: het totaal aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 12,15 (ƒ 26,78) plus het aantal cumi-leerlingen vermenigvuldigd met € 469,90 (ƒ 1035,53) plus het aantal ambulant begeleide leerlingen vermenigvuldigd met € 111,35 (ƒ 245,38).
Formalisering van het bovenstaande zal plaatsvinden in een regeling die naar verwachting uiterlijk 1 augustus 2001 zal worden gepubliceerd.
Artikel 2
Omvang van het budget per school
Onderdeel van Schoolbudget voor ontwikkeling en ondersteuning voor svo/lom en svo/mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging per 1 augustus 2001· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2001