**1.** De directeur van de inrichting waar de afzondering ten uitvoer wordt gelegd, informeert de directeur van de inrichting van herkomst en de selectiefunctionaris, over het verloop van de afzondering.
**2.** De selectiefunctionaris pleegt tijdig overleg met de directeur van de inrichting van herkomst over de vraag of de jeugdige na het verstrijken van de termijn van de afzondering naar die inrichting zal terugkeren, naar een andere inrichting dient te worden overgeplaatst of verder in afzondering zal dienen te verblijven. Indien wordt besloten tot overplaatsing dient de directeur van de inrichting van herkomst een daartoe strekkend advies in bij de selectiefunctionaris.
Paragraaf 8
Artikel 32
Artikel 32
Onderdeel van Regeling straf- en afzonderingscel justitiële jeugdinrichtingen· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 september 2001