Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II › § 2 › § 2.3

Artikel 17

Laissez-passer voor vreemdelingen

Onderdeel van Paspoortuitvoeringsregeling Caribische landen· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De vaststelling van een aanspraak op verstrekking van een laissez-passer ingevolge artikel 15, tweede lid, van de wet geschiedt met gebruikmaking van het door de aanvrager overgelegde document waaruit diens rechtmatig verblijf in een der landen van het Koninkrijk en diens nationaliteit blijkt, alsmede aan de hand van de door de aanvrager bij de aanvraag verstrekte gegevens. 2. In geval van twijfel aan de gegevens die in het overgelegde document zijn vermeld dan wel door de aanvrager zijn verstrekt, vindt verificatie daarvan plaats in de vreemdelingenadministratie waarin de aanvrager is opgenomen. 3. Het aanvraag-informatieformulier met de bijlagen, genoemd in artikel 15, tweede lid, wordt doorgezonden aan de Minister van Buitenlandse Zaken. 4. De verstrekking van een laissez-passer ten behoeve van een in het eerste lid bedoelde persoon vindt slechts plaats na machtiging van de Minister van Buitenlandse Zaken. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 1.1 van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel