Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III › § 1

Artikel 39

Aanvraag in geval van mogelijke fraude, een vermissing of inname van een uitgereikt reisdocument

Onderdeel van Paspoortuitvoeringsregeling Caribische landen· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 april 2026

1. Indien zijn eerder uitgereikt reisdocument mogelijk voorwerp is van fraude, is vermist of op andere gronden dan ingevolge de wet door een daartoe bevoegde autoriteit is ingenomen, kan de aanvrager een aanvraag voor een reisdocument indienen, indien hij mogelijke fraude, de vermissing, onderscheidenlijke inname, overeenkomstig artikel 71 meldt of heeft gemeld. 2. In de aanvraag worden vermeld: mogelijke fraude, de vermissing of inname op andere gronden dan ingevolge de wet, het nummer van het desbetreffende reisdocument en de autoriteit die het heeft verstrekt, en de datum waarop de schriftelijke verklaring, bedoeld in artikel 71, tweede of derde lid, is afgelegd, dan wel de schriftelijke verklaring, bedoeld in artikel 71, vijfde lid, is overgelegd. 3. Indien een gegeven als bedoeld in het tweede lid, onder b of c, niet voorhanden is, wordt hiernaar een gericht onderzoek ingesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel