**1.** Indien de aanvraag betrekking heeft op een reisdocument als bedoeld in artikel 14 van de wet worden in het formulier naast de gegevens, bedoeld in artikel 11, nog de navolgende gegevens vermeld:
de reden waarom de aanvrager geen reisdocument van een ander land kan verkrijgen, dan wel
de reden waarom van de aanvrager niet kan worden gevergd, dat hij een reisdocument van een ander land aanvraagt, dan wel
indien de aanvrager een verzoek om naturalisatie tot Nederlander heeft ingediend, op welke datum dit is geschied, in welk stadium de procedure zich bevindt en wat het daarop betrekking hebbende behandelingsnummer van het ministerie van Justitie is.
**2.** De vaststelling van de aanspraak op een reisdocument voor vreemdelingen als bedoeld in artikel 14 van de wet geschiedt aan de hand van het door de aanvrager overgelegde verblijfsdocument, waaruit diens verblijfsrecht ingevolge artikel 14 of 20 van de Vreemdelingenwet 2000, dan wel ingevolge de Wet toelating en uitzetting BES, en diens nationaliteit blijkt, alsmede op grond van de gegevens die in het formulier zijn opgenomen.
Treedt in werking op het tijstip waarop artikel 1.1.van de Rijkswet aanpassing rijkswetten aan de oprichting van de nieuwe landen in werking treedt.
Hoofdstuk II › § 2 › § 2.1
Artikel 14
Vaststelling aanspraken op reisdocumenten als bedoeld in artikel 14 van de wet
Onderdeel van Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 2001· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010