Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Inleiding

Onderdeel van Schoolbudget voor svo/lom en svo/lmk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging per 1 augustus 2001· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2001

In juli is een akkoord bereikt tussen centrales voor overheids- en onderwijspersoneel en de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen in verband met de uitwerking van de maatregelen naar aanleiding van het rapport van de werkgroep Van Rijn en verlenging van de CAO sector onderwijs (PO, VO, BVE) 2000-2002 . U wordt in deze publicatie geïnformeerd over de gevolgen van dat akkoord voor de omvang van het schoolbudget zoals dat per 1 augustus 2001 wordt verstrekt aan svo/lom en svo/mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging. Deze publicatie vervangt de eerdere publicatie over het schoolbudget per 1 augustus 2001 met kenmerk VO/FB/2001/17273, die is opgenomen in Uitleg Gele katern nr. 14 van 23 mei 2001. De nu voorliggende publicatie hangt samen met de publicatie ’Schoolbudget voor het primair onderwijs per 1 augustus 2001’ met kenmerk PO/PJ/0132554, die is opgenomen in Uitleg Gele katern nr. 18b van 15 augustus 2001. De in die publicatie opgenomen toelichting is voor een belangrijk deel gelijk aan die in de nu voorliggende publicatie. Toch is die toelichting ook hier opgenomen, zodat de publicatie zelfstandig leesbaar is. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte. Het schoolbudget is, zoals in eerdere publicaties al is aan-gegeven, een vrij besteedbaar budget voor personele doel-einden dat wordt uitgekeerd in de vorm van geld. Scholen beschikken daarmee structureel over financiële ruimte om zelfstandig afwegingen te maken en daarbij voldoende rekening te houden met de specifieke situatie waarin zij zich bevinden. In het algemeen kan bij de besteding van het budget zoals dat er nu per 1 augustus 2001 uit ziet, gedacht worden aan dekking van de volgende kosten: salariskosten zoals: kosten van managementondersteunende en andere ondersteunende functionarissen kosten die worden gemaakt voor LIO en hun bege-leiders extra salariskosten van hoger ingeschaald personeel toelagen (bijvoorbeeld extra periodieken voor herin-treders) en gratificaties extra salariskosten in verband met betaald ouder-schapsverlof en overige personele kosten zoals: kosten van nascholing en deskundigheidsbevorde-ring van het personeel en management kosten in verband met arbeidsomstandighedenbe-leid en arbo-zorg kosten van arbeidsmarktbeleid integraal personeelsbeleid. Meer specifiek dan hierboven is aangegeven, worden met de verhoging onderstaande doelstellingen nagestreefd: functiedifferentiatie binnen de leraarsfunctie. Daarbij kan met name worden gedacht aan de introductie van een leraarsfunctie met een hoger maximumsalaris dan hetgeen hoort bij de normfunctie van leraar, functiedifferentiatie binnen onderwijsondersteunende functies en extra inzet van ondersteunend personeel, beloningsdifferentiatie, waarbij met name kan worden gedacht aan honorering van zowel betaalde als onbetaalde relevante ervaring bij (her)indiensttreding alsmede aan het op grond van een beoordeling van het functioneren kunnen inlopen van beloningsverschil dat is ontstaan door loopbaanonderbreking; en introductie van (gedeeltelijk) betaald ouderschapsverlof. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Rechtspraak bij dit artikel