Naar hoofdinhoud

Artikel XVI

Artikel XVI

Onderdeel van Wet organisatie en bestuur gerechten· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2002

1. De benoemingen van degenen, die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet zijn benoemd als waarnemend griffier bij een kantongerecht, een arrondissementsrechtbank onderscheidenlijk een gerechtshof, worden van rechtswege gewijzigd in een benoeming als buitengriffier bij de rechtbank tot het rechtsgebied waarvan het kantongerecht behoort, bij dezelfde rechtbank onderscheidenlijk bij hetzelfde gerechtshof, tenzij zij op dezelfde dag bij een van deze gerechten tevens op basis van een aanstelling werkzaam zijn, als rechterlijk ambtenaar in opleiding de opleiding doorbrengen of als rechterlijk ambtenaar zijn benoemd. Zij worden als zodanig niet beëdigd. 2. De benoemingen van degenen, die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze wet zijn benoemd als plaatsvervangend griffier bij de Centrale Raad van Beroep, worden van rechtswege gewijzigd in een benoeming als buitengriffier bij de Centrale Raad van Beroep, tenzij zij op dezelfde dag bij dat college tevens op basis van een aanstelling werkzaam zijn, als rechterlijk ambtenaar in opleiding de opleiding doorbrengen of als rechterlijk ambtenaar zijn benoemd. Zij worden als zodanig niet beëdigd.

Rechtspraak bij dit artikel