**1.** Aan de ontheffing worden in ieder geval de volgende, op het afsteekterrein en de veiligheidszone betrekking hebbende voorschriften verbonden:
het afsteekterrein en de veiligheidszone worden ingericht overeenkomstig het veiligheidsplan en zijn goed bereikbaar voor de hulpdiensten;
de veiligheidsafstand bedraagt: 15 meter indien alleen grondvuurwerk wordt afgeschoten, 40 meter indien luchtvuurwerk met een kaliber tot en met 1 inch wordt afgeschoten en 60 meter indien luchtvuurwerk met een kaliber vanaf 1 inch tot 2 inch wordt afgeschoten; de afstanden voor luchtvuurwerk worden vermenigvuldigd met 1,5 indien dit schuin richting publiek wordt afgeschoten;
voordat het vuurwerk op het afsteekterrein wordt neergelegd, wordt het afsteekterrein afgesloten voor het publiek;
op het afsteekterrein wordt niet meer dan 200 kg verpakt vuurwerk van categorie F2 op veilige wijze en op ten minste 8 meter van de buitenrand van de veiligheidszone neergelegd en onder permanent toezicht geplaatst door de ontheffinghouder;
op het afsteekterrein zijn aanwezig: een afschrift van de ontheffing met de daaraan verbonden voorschriften en een afschrift van de factuur waarop het aanwezige vuurwerk staat vermeld;
binnen de veiligheidszone is geen open vuur aanwezig en wordt niet gerookt;
op het afsteekterrein zijn ten minste twee goedgekeurde handblusapparaten met een inhoud van ten minste 6 kg ABC-poeder of 9 kg schuim aanwezig waarmee een beginnende brand zo snel mogelijk wordt bestreden;
tijdens het tot ontbranding brengen van vuurwerk mag de veiligheidszone niet worden betreden door anderen dan de supervisor, de ontbranders en de toezichthouder;
handelingen nabij het vuurwerk die kunnen leiden tot statische elektriciteit, brand, brandgevaar of onbedoelde ontsteking zijn niet toegestaan;
de veiligheidszone wordt direct na afloop van het tot ontbranding brengen van het vuurwerk opgeruimd en schoon opgeleverd.
**2.** Aan de ontheffing worden voorts in ieder geval de volgende, op de supervisor en de ontbranders betrekking hebbende voorschriften verbonden:
het vuurwerk mag tot ontbranding worden gebracht door maximaal acht in de aanvraag genoemde ontbranders die ten minste 18 jaar oud zijn;
de ontbranders staan onder leiding van ten minste één in de aanvraag genoemde supervisor die ten minste 18 jaar oud is;
de supervisor houdt tijdens de ontbranding zicht op het vuurwerk, de afsteekplaats, de veiligheidszone en de ontbranders;
de supervisor beschikt over communicatiemiddelen waarmee contact kan worden opgenomen met hulpdiensten en toezichthouders;
de supervisor en de ontbranders hebben kennis over het veilig omgaan met vuurwerk;
de supervisor en de ontbranders dragen een vuurwerkbril en de ontbranders gebruiken een aansteeklont bij het tot ontbranding brengen van het vuurwerk;
de supervisor en de ontbranders zijn niet onder invloed van alcohol of andere verdovende of stimulerende middelen als bedoeld in artikel 8 van de Wegenverkeerswet 1994 gelezen in samenhang met artikel 3 van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer.
**3.** Aan de ontheffing worden voorts in ieder geval de volgende, op het bezit en de wijze en het moment van tot ontbranding brengen van vuurwerk betrekking hebbende voorschriften verbonden:
het vuurwerk wordt uitsluitend tot ontbranding gebracht tussen 31 december 18.00 uur en 1 januari 02.00 uur van het daaropvolgende jaar;
het vuurwerk wordt afgestoken zoals vastgelegd in het veiligheidsplan dat bij de aanvraag is ingediend en aldus onderdeel uitmaakt van de verleende ontheffing;
het vuurwerk wordt niet bewerkt en wordt uitsluitend handmatig afgestoken;
het tot ontbranding brengen vindt plaats volgens de gebruiksaanwijzing of het veiligheidsinformatieblad behorend bij het vuurwerkartikel, voor zover niet anders is bepaald;
het vuurwerk is stabiel en op de grond opgesteld, loodrecht op het grondoppervlak;
de ondergrond die wordt gebruikt voor het opstellen van het vuurwerk is niet brandbaar;
alvorens het vuurwerk tot ontbranding te brengen, wordt gecontroleerd of de minimale veiligheidsafstanden in acht worden genomen;
indien nabij de veiligheidszone vuurwerk anders dan fop- en schertsvuurwerk wordt afgestoken of derden de veiligheidszone betreden, wordt het tot ontbranding brengen van vuurwerk onmiddellijk gestaakt;
indien weers- of andere omstandigheden het veilig tot ontbranding brengen van vuurwerk bemoeilijken of belemmeren, wordt het tot ontbranding brengen van vuurwerk onmiddellijk gestaakt;
niet ontbrand vuurwerk wordt uiterlijk 1 januari 18.00 uur direct volgend op de jaarwisseling geretourneerd aan de verkoper.
Hoofdstuk 2 › § 3
Artikel 2.3.2a
Artikel 2.3.2a
Onderdeel van Vuurwerkbesluit· Ruimtelijke ordening en milieu
In werking sinds 1 augustus 2026