Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III › Paragraaf 5

Artikel 56

Artikel 56

Onderdeel van Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap· Migratierecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Onze Minister zendt de uittreksels van het besluit tot verlening van het Nederlanderschap onverwijld ter bekendmaking toe aan de autoriteit van de woonplaats van de verzoeker. Hij zendt het besluit tot gehele of gedeeltelijke afwijzing van het verzoek toe aan de verzoeker onder vermelding van de termijn waarbinnen tegen het besluit bezwaar gemaakt kan worden. Hij bericht een en ander gelijktijdig aan de Minister van Buitenlandse Zaken met het verzoek zo nodig het hoofd van de diplomatieke of consulaire post, die het in artikel 54, vijfde lid, bedoelde advies heeft uitgebracht, van deze beslissing in kennis te stellen. 2. Bij regeling van Onze Minister kunnen na overleg met de Minister van Buitenlandse Zaken regels worden gesteld betreffende de wijze van bekendmaking van de verlening van het Nederlanderschap en kunnen regels gesteld worden betreffende de inname van de door de bevoegde autoriteiten in het Koninkrijk afgegeven verblijfsdocumenten van de verzoeker en van de personen die in de naturalisatie delen. 3. Indien de bekendmaking van het besluit tot verlening van het Nederlanderschap door uitreiking geschiedt, is daarop het bepaalde in hoofdstuk IIIA, met uitzondering van de tijdsbepalingen in artikel 60b, tweede en vierde lid, van toepassing. Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel