Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Subsidieregeling breedband Kenniswijk· Informatierecht

Deze tekst geldt sinds 26 november 2004

1. De subsidieontvanger draagt er zorg voor dat de aansluiting, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor een periode van ten minste één jaar na de datum bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, in stand blijft en gebruikt wordt. 2. Indien een van de overeenkomsten bedoeld in artikel 7, derde lid, binnen een jaar na de datum, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, wordt beëindigd, is de subsidieontvanger verplicht de minister binnen twee maanden na de datum van beëindiging hiervan in kennis te stellen. 3. De bedragen genoemd in artikel 5 worden niet teruggevorderd indien één van de overeenkomsten, bedoeld in artikel 7, derde lid, binnen een jaar na de datum, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, wordt beëindigd in verband met: overlijden van de bewoner, of op last van de rechter of op verzoek van de curator in faillissement, of op last van een uitkeringsinstantie, of om andere redenen die naar het oordeel van de minister de aanvrager in redelijkheid niet kunnen worden verweten. 4. Indien één van de overeenkomsten, bedoeld in artikel 7, derde lid, binnen een jaar na de datum, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, wordt beëindigd in verband met verhuizing om andere redenen dan die genoemd in het derde lid, de onderdelen b tot en met d, wordt een evenredig deel van het bedrag genoemd in artikel 5, onderdeel b, teruggevorderd. 5. De bedragen genoemd in artikel 5 worden teruggevorderd indien één van de overeenkomsten, bedoeld in artikel 7, derde lid, binnen een jaar na de datum, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, wordt beëindigd om andere redenen dan genoemd in het derde of vierde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel