Naar hoofdinhoud

Artikel II

Aanpassing verrekeningsbedragen inwoning per 1 juli 2002

Onderdeel van Aanpassing voorschriften ingevolge het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel (2002)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2002

Omdat er in de sector Rijk geen ambtenaren meer voorkomen waarvoor een inhouding voor verstrekt genot van kost en inwoning geldt, zal in het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel het artikel 2 komen te vervallen. Vooruitlopend daarop worden de bedragen voor de inhouding van kost en inwoning en het verschuldigde bedrag voor kost bij afwezigheid bevroren. Het maximale verrekeningsbedrag voor het van rijkswege verstrekte genot van inwoning, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel dat altijd medio het kalenderjaar wordt aangepast, blijft daarom € 185,60. De bedragen van de huurwaarde van dienstwoningen, die mede van belang zijn ter uitvoering van artikel 3, tweede lid, van het Besluit betaling emolumenten burgerlijk rijkspersoneel, dienen naar van de zijde van de Belastingdienst is vernomen per 1 juli 2002 met 2,7% te worden verhoogd. Woningen welke op of na 1 juli 2001 gereed zijn gekomen vallen buiten deze verhoging. In afwijking van het vorenstaande dient een extra huurverhoging in aanmerking te worden genomen in gevallen waarin de economische huurwaarde van een dienstwoning, behalve door de algemene verhoging van 2,7%, mede door andere factoren is beïnvloed, bijvoorbeeld als gevolg van een door of vanwege de inhoudingsplichtige aangebrachte verbetering aan de dienstwoning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel