**1.** Het algemeen bestuur bestaat uit 6 leden.
**2.** De minister wijst 3 leden aan.
**3.** De raad van de gemeente Arnhem, de voorzitter inbegrepen, wijst uit zijn midden of uit de kring van wethouders 2 leden aan.
**4.** De raden van de gemeenten Renkum, Rheden en Rozendaal, de voorzitters inbegrepen, wijzen uit hun midden of uit de kring van wethouders gezamenlijk 1 lid aan.
**5.** Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt.
**6.** Het lidmaatschap van de leden die door de raden van de gemeenten zijn aangewezen, eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van de raad of het college van B&W waaruit het lid is aangewezen.
**7.** Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vijfde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
**8.** De raad van de gemeente beslist uiterlijk in de tweede vergadering van elke zittingsperiode van de raad over de aanwijzing, bedoeld in het derde en vierde lid.
**9.** Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijzen de raden of de minister zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.
**10.** Een lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
**11.** Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.
Hoofdstuk III
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Regeling Regionaal Historisch Centrum 'Gelders Archief'· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 6 september 2002