**1.** Een eigenaar van een niet-productie-installatie stelt een rapport inzake grote gevaren op voor de niet-productie-installatie en dient het bij de inspecteur-generaal der mijnen.
**2.** Het rapport inzake grote gevaren behoeft de instemming van de inspecteur-generaal der mijnen.
**3.** Een eigenaar van een niet-productie-installatie start niet met activiteiten op een niet-productie-installatie, waaronder gecombineerde activiteiten of boorgatactiviteiten, met uitzondering van verkenningsonderzoek, of zet deze activiteiten niet voort voordat de inspecteur-generaal der mijnen heeft ingestemd met het rapport inzake grote gevaren voor de betreffende niet-productie-installatie.
**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de indiening van en de instemming met het rapport inzake grote gevaren.
Hoofdstuk 4 › § 4.1a › § 4.1a.1.2
Artikel 45f
Artikel 45f
Onderdeel van Mijnbouwwet· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2017