**1.** Het is verboden op een mijnbouwwerk aardgas af te blazen of af te fakkelen in de open lucht dan wel andere verontreinigende stoffen uit te stoten.
**2.** Het eerste lid geldt niet indien het afblazen of affakkelen van aardgas dan wel de uitstoot van andere verontreinigende stoffen onvermijdelijk is voor een normale bedrijfsvoering in het mijnbouwwerk. In dat geval worden alle maatregelen getroffen om schade ten gevolge van het afblazen of affakkelen van aardgas dan wel de uitstoot van andere verontreinigende stoffen zoveel mogelijk te voorkomen dan wel te beperken.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen in het belang van de bescherming van het milieu regels worden gesteld omtrent de in het tweede lid bedoelde maatregelen.
[Treedt in werking op het tijdstip waarop de Mijnbouwwet in
werking treedt.]
Hoofdstuk 5 › Afdeling 5.1 › § 5.1.3
Artikel 38
Artikel 38
Onderdeel van Mijnbouwbesluit· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2003