In de ministeriële regeling beperking meldingsplicht BBSH en in de daarbij behorende MG 2002-06 is neergelegd, dat de verkoop van huurwoningen aan eigenaar-bewoners niet gemeld behoefde te worden, indien terzake die verkoop prestatieafspraken waren gemaakt tussen de gemeente en de aldaar werkzame toegelaten instelling(en). Deze prestatieafspraken dienden tevens gemeld te zijn bij de toenmalige Inspectie van de Volkshuisvesting. In genoemde MG is aangekondigd, dat de eis van het hebben van prestatieafspraken per 1 januari 2003 zal vervallen. Bij deze doe ik de toezegging van voormalig Staatssecretaris van VROM, de heer Remkes, gestand. Wel wijs ik u er op dat voor verkopen waarbij voor een lager percentage wordt verkocht dan 90% van de marktwaarde nog steeds ontheffing gevraagd dient te worden, tenzij het een woning betreft die verkocht wordt in het kader van de Wet bevordering eigen woningbezit (BEW). Een verzoek om ontheffing van het 90% criterium dient aan mij voorgelegd te worden p/a de Directeur Stad en Regio van het Directoraat-Generaal Wonen van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieubeheer, Interne postcode 210, Postbus 30941, 2500 GX Den Haag. Ik zal dergelijke verzoeken overigens slechts honoreren, indien in de verkoopcontracten beperkende voorwaarden, zoals waardedeling en teruggave van de verleende 'korting' bij verkoop door de eigenaar-bewoner, zijn opgenomen. Dit vooruitlopend op de door mij voorgenomen wijziging van het BBSH, waarbij onder meer het minimum verkooppercentage van 90 zal worden verlaagd tot 70 (voor verkoop aan zittende bewoners), dan wel tot 80 (voor verkoop aan toekomstige eigenaar-bewoners).
Artikel 1
Ad I. De meldingsplicht als bedoeld in artikel 11d BBSH
Onderdeel van Besluit beheer sociale-huursector (BBSH). Toepassing van het toezicht· Wonen, onroerend goed, bouwrecht
Deze tekst geldt sinds 24 december 2002