Een bijdrage kan worden verstrekt in de kosten die door in Nederland gevestigde professionele podiumkunstenaars worden gemaakt voor het uitvoeren van onderzoek en het uitbrengen van producties en die voldoen aan de bepalingen van deze subsidieregeling.
Een medewerker aan een onderzoek of productie beschikt over de Nederlandse nationaliteit of heeft zich in Nederland of de Europese Unie gevestigd. Indien een medewerker van buiten de Europese Unie zich in Nederland vestigt, dient u desgevraagd een kopie van de verblijfsvergunning te overleggen.
Het onderzoek of de productie wordt grotendeels in Nederland uitgevoerd door in Nederland gevestigde podiumkunstenaars of podiumkunstgezelschappen. Voorstellingen en concerten zijn openbaar toegankelijk en/of worden binnen het basis- of voortgezet onderwijs gespeeld.
Het onderzoek of de productie heeft een in tijd beperkt karakter. Het Fonds subsidieert voor dans-, muziektheater- en theaterproducties in eerste instantie een speelperiode van één maand. Voor theater-, dans- en muziektheaterproducties voor jeugd/jongeren geldt maximaal een speelperiode van twee maanden. Het Fonds stelt voor muziekproducties subsidie beschikbaar per concert. Het Fonds kan besluiten een beperkt aantal voorstellingen en/of concerten te subsidiëren. Het Fonds kan evenwel besluiten een subsidie te reserveren zodat tegen overlegging van opties of contracten die meer speelbeurten garanderen, alsnog een langere periode gesubsidieerd kan worden.
Subsidie voor het schrijven van (muziek)theaterteksten of libretti (ook gericht op 'operetterepertoire') kan worden aangevraagd in het kader van deze regeling. Er zijn twee mogelijkheden:
de (muziek)theatertekst/het libretto is onderdeel van het onderzoek of de productie waarvoor u subsidie aanvraagt;
u vraagt aan voor de (muziek)theatertekst/het libretto als eerste fase in het tot stand brengen van een onderzoek of productie.
In beide gevallen dient het onderzoek of de productie volledig beschreven te zijn volgens de richtlijnen zoals opgenomen in deze regeling.
Binnen deze subsidieregeling is door het Ministerie van OCenW voor de periode 2002-2004 een apart budget beschikbaar gesteld ter bevordering van de operette, dat wil zeggen alle vormen van professioneel muziektheater die voor wat betreft inhoud en vorm verwant zijn aan, ofwel hun oorsprong vinden binnen, de geldende operettetraditie.
Daarbij kan het gaan om:
bestaand operetterepertoire in een nieuwe enscenering, vertaling of arrangement,
nieuw of vernieuwend operetterepertoire en
geadapteerd operarepertoire.
Tevens kunnen aanvragen worden ingediend voor composities en arrangementen en nieuwe arrangementen van bestaand repertoire.
Voorzover extra middelen door het Ministerie van OCenW beschikbaar zijn gesteld voor producties ten behoeve van het VMBO kunnen die binnen deze subsidieregeling worden aangewend.
Als het Fonds aan een instelling een meerjarige programmasubsidie heeft verleend, kan deze instelling geen beroep doen op de subsidieregeling Onderzoek en producties 2004.
Wanneer er sprake is van een artistieke en/of productionele samenwerking tussen enerzijds individuele, in groepsverband en op ad-hocbasis werkende, professionele podiumkunstenaars en anderzijds een culturele instelling die voor de periode 2001-2004 van het Ministerie van OCenW een meerjarige subsidie ontvangt, kan een aanvraag alleen door de niet-meerjarig gesubsidieerde partner worden ingediend.
Bij de bepaling van de hoogte van het subsidie wordt ervan uitgegaan dat de inbreng van de meerjarig gesubsidieerde instelling gekapitaliseerd is, tenzij aangetoond kan worden dat zij extra kosten maakt, die niet uit het reguliere budget kunnen worden bekostigd.
Voor de volgende gelden andere indiendata en zijn separate budgetten beschikbaar.
- Meerjarig door het Ministerie van OCenW gesubsidieerde instellingen.
Een instelling die voor de periode 2001-2004 meerjarig door het Ministerie van OCenW wordt gesubsidieerd kan voor een subsidie Onderzoek en producties 2004 in aanmerking komen indien het een bijzondere aanvulling betreft op de activiteiten van de instelling en het Cultuurnotasubsidie niet bestemd is voor de uitvoering van deze bijzondere aanvullende activiteiten.
Aanvrager toont door middel van de beschikking van het Ministerie van OCenW en de herziene begroting 2001-2004, het activiteitenplan 2004 en de jaarrekening 2003 aan dat deze activiteiten niet uit de beschikbare middelen kunnen worden gefinancierd. Bij de bepaling van de hoogte van de financiële bijdrage worden alleen de directe kosten van die aanvullende activiteiten in aanmerking genomen. Aanvragen kunnen eens per jaar worden ingediend en moeten uiterlijk 9 januari 2004 om 15.00 uur door het Fonds ontvangen zijn. Voor honorering van deze plannen heeft het Fonds binnen het beschikbare budget voor Onderzoek en producties 2004 een budget afgezonderd.
- Aanvragen voor producties die in première gaan in een (midden-) grote zaal moeten eveneens uiterlijk 9 januari 2004 om 15.00 uur door het Fonds ontvangen zijn.
Van een (midden-) grote zaal is sprake als de zaalcapaciteit 300 plaatsen of meer is.
- Voor honorering van deze plannen heeft het Fonds binnen het beschikbare budget voor Onderzoek en producties 2004 een budget tevens afgezonderd.
Artikel 2
Aard van de aanvragen
Onderdeel van Subsidieregeling Onderzoek en producties 2004· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 22 juli 2003