Naar hoofdinhoud

§ 3

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Verordening PT bestemmingsheffing handel groenten en fruit 2004· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 20 november 2004

1. De heffing die de ondernemer is verschuldigd, wordt opgelegd naar de grondslag aankoopwaarde handel over het kalenderjaar 2004. 2. In afwijking van het eerste lid, wordt de heffing voor de handel in uien opgelegd over het aantal aangekochte netto kilogrammen. 3. De heffing als bedoeld in het eerste lid, wordt uitgedrukt in een percentage van de aankoopwaarde en bedraagt ten hoogste voor a. groenten :0,14%; b. fruit :0,14%, of c. champignons :0,16%. 4. De heffing als bedoeld in het tweede lid, wordt uitgedrukt in centen per aantal gekochte kilogrammen en bedraagt ten hoogste: € 68,00 per 100 ton. 5. De hoogte van de heffing als bedoeld in het derde en vierde lid, wordt door middel van een besluit van het bestuur vastgesteld. Daarbij wordt rekening gehouden met de verschillende hoogten van de aankoopwaarde, onderscheidenlijk het aantal aangekochte kilogrammen, verschillende percentages respectievelijk bedragen. 6. Indien de ondernemer handelt in producten die op contract voor de groenten en fruit verwerkende industrie zijn geteeld, is geen heffing verschuldigd voor zover het kwaliteitscontrole betreft; tegelijk met de jaarlijkse vaststelling van de percentages als bedoeld in het vijfde lid, stelt het bestuur het percentage vast waarmee de heffing in dat geval wordt verlaagd. 7. Het zesde lid is niet van toepassing op de ondernemer die champignons verhandelt.

Rechtspraak bij dit artikel