**1.** De wederpartij aan wie overeenkomstig artikel 10 een overzicht is verstrekt van de van hem verwerkte gegevens, kan de gerechtsdeurwaarder schriftelijk verzoeken om de verwerkte persoonsgegevens te verbeteren, aan te vullen of te verwijderen, of af te schermen indien deze feitelijk onjuist zijn, voor het doel of de doeleinden van de verwerking onvolledig of niet ter zake dienend zijn, dan wel anderszins in strijd met een wettelijk voorschrift in de verwerking voor komen. Het verzoek bevat de aan te brengen wijzigingen.
**2.** De gerechtsdeurwaarder bericht de wederpartij binnen vier weken na ontvangst van het verzoek schriftelijk of, dan wel in hoeverre, aan zijn verzoek wordt voldaan. De gerechtsdeurwaarder draagt er voor zorg dat een beslissing tot verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming zo spoedig wordt uitgevoerd. Een weigering wordt met redenen omkleed.
**3.** Indien de persoonsgegevens zijn vastgelegd op een gegevensdrager waarin geen wijzigingen kunnen worden aangebracht, dan treft de gerechtsdeurwaarder de voorzieningen die nodig zijn om de gebruiker van de gegevens te informeren over de onmogelijkheid van verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming ondanks het feit dat er grond is voor aanpassing van de gegevens op grond van dit artikel.
**4.** De gerechtsdeurwaarder die overeenkomstig het tweede lid van dit artikel persoonsgegevens heeft verbeterd, aangevuld, verwijderd of afgeschermd, is verplicht om aan derden aan wie de gegevens daaraan voorafgaand zijn verstrekt, zo spoedig mogelijk kennis te geven van de verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming, tenzij dit onmogelijk blijkt, een onevenredige inspanning kost of de wederpartij de gerechtsdeurwaarder schriftelijk van deze plicht ontslaat. De gerechtsdeurwaarder verstrekt aan de wederpartij desgevraagd een opgave van degenen aan wie hij kennis heeft geven van de verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming.
**5.** Indien gegevens het voorwerp zijn van verwerking op grond van artikel 8, onder e. en f. Wbp, kan de wederpartij daartegen bij de gerechtsdeurwaarder te allen tijde verzet aantekenen in verband met zijn bijzondere persoonlijke omstandigheid.
**6.** De gerechtsdeurwaarder beoordeelt binnen vier weken na ontvangst van het verzet of het verzet gerechtvaardigd is en beëindigt terstond de verwerking indien het verzet gerechtvaardigd is.
**7.** De gerechtsdeurwaarder is, met inachtneming van het bij of krachtens artikel 40, derde lid Wbp bepaalde, gerechtigd aan de wederpartij voor het in behandeling nemen van een verzet een vergoeding van kosten te vragen, welke vergoeding wordt teruggegeven in geval het verzet gegrond wordt bevonden.
Artikel 11
Correctie en verzet
Onderdeel van Gedragscode gerechtsdeurwaarders ter bescherming persoonsgegevens· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 3 maart 2004