Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Artikel 1

Onderdeel van Wet kabelbaaninstallaties· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: CE-markering: CE-markering als bedoeld in artikel 3, onderdeel 27, van de verordening; conformiteitsbeoordelingsinstantie: ingevolge artikel 5 aangewezen instantie; essentiële eisen: essentiële eisen, genoemd in bijlage II bij de verordening; EU-conformiteitsverklaring: EU-conformiteitsverklaring als bedoeld in artikel 19 van de verordening; kabelbaaninstallatie: kabelbaaninstallatie als bedoeld in artikel 3, onderdeel 1, van de verordening; kabelbaanvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 20, eerste lid; Onze Minister: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu; subsysteem: subsysteem als bedoeld in artikel 3, onderdeel 2, van de verordening; veiligheidscomponent: veiligheidscomponent als bedoeld in artikel 3, onderdeel 4, van de verordening; verordening: Verordening (EU) nr. 2016/424 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende kabelbaaninstallaties en tot intrekking van Richtlijn 2000/9/EG (PbEU 2016, L 81); verordening (EU) nr. 2019/1020:Verordening (EU) nr. 2019/1020 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten en tot wijziging van Richtlijn 2004/42/EG en Verordeningen (EG) nr. 765/2008 en (EU) nr. 305/2011 (PbEU 2019, L 169). 2. In deze wet wordt onder bouwen van een kabelbaaninstallatie mede verstaan: vernieuwen, veranderen of vergroten van een kabelbaaninstallatie waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet is vereist.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel