Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Onkostenvergoeding statenleden

Onderdeel van Bezoldiging commissarissen van de Koningin, vergoeding en onkostenvergoeding statenleden, vergoeding commissieleden en onkostenvergoeding leden gedeputeerde staten· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2005

In artikel 2, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden is bepaald dat de onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten genoemd in de leden drie en vier van artikel 2, per 1 januari van elk jaar wordt herzien aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar. De consumentenprijsindex voor 2004 is bepaald op 112,1. Voor 2003 was dat indexcijfer bepaald op 111,0. Dit betekent dat de bedragen van de onkostenvergoeding per 1 januari 2005 worden verhoogd met 1,0%. Met ingang van 1 januari 2005 worden de bedragen genoemd in artikel 2, derde en vierde lid, van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden voor de onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten gewijzigd in € 78,95 resp. € 164,48 (fictieve dienstbetrekking).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel