**1.** Op kruisingen van hoofdspoorwegen met niet voor het openbaar verkeer openstaande wegen verlenen weggebruikers voorrang aan spoorvoertuigen.
**2.** Het is weggebruikers verboden een kruising als bedoeld in het eerste lid op te rijden of te betreden:
indien zij deze niet terstond geheel kunnen passeren en deze niet geheel vrij kunnen maken;
indien aldaar door een begeleider van een trein een stopteken overeenkomstig model F 10 van bijlage I van het RVV 1990, een rode vlag of een rode lamp wordt getoond.
Voorheen art. 17.
§ 4
Artikel 22
Artikel 22
Onderdeel van Besluit spoorverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 4 juli 2015