**1.** Indien concurrerende capaciteitsaanvragen betrekking hebben op vervoer en de infrastructuur overeenkomstig artikel 7, tweede lid, overbelast is verklaard, is het minimale niveau:
voor stadsgewestelijk, nationaal en streekgewestelijk openbaar vervoer, met de op basis van artikel 10 geldende prioriteitsvolgorde van deelmarkten van dat vervoer, een bedieningsfrequentie, voor de op kaart 2 behorende bij dit besluit aangeduide baanvakken:
tussen de grote stations: van 2 paden per richting per uur gedurende de dagperiode;
tussen overige stations: van 2 paden per richting per uur op werkdagen van 06.00 uur tot 20.00 uur, van 1 pad per richting per uur op werkdagen van 20.00 uur tot 24.00 uur en van 1 pad per richting per uur in het weekend gedurende de dagperiode.
voor nationaal hogesnelheidspersonenvervoer, met de op basis van artikel 10 geldende prioriteitsvolgorde van deelmarkten van dat vervoer, een bedieningsfrequentie:
op het baanvak Amsterdam – Schiphol – Rotterdam Centraal van 5 paden per richting per uur, met een minimum van 80 paden per richting per dag;
op het baanvak Rotterdam Centraal – Breda van 4 paden per richting per uur, met een minimum van 64 paden per richting per dag.
voor internationaal openbaar vervoer, met de op basis van artikel 10 geldende prioriteitsvolgorde van deelmarkten van dat vervoer, een bedieningsfrequentie:
op het baanvak Amsterdam – Utrecht Centraal – Arnhem – Zevenaar grens van 8 paden per richting per dag, met een maximum van één pad per richting per uur;
Op het baanvak Amsterdam – Deventer – Oldenzaal grens van 16 paden per richting per dag, met een maximum van één pad per richting per uur.
voor internationaal hogesnelheidspersonenvervoer, met de op basis van artikel 10 geldende prioriteitsvolgorde van deelmarkten van dat vervoer, een bedieningsfrequentie:
op het baanvak Amsterdam – Schiphol – Rotterdam Centraal – Belgische grens van 16 paden per richting per dag, met een maximum van één pad per richting per uur;
op het baanvak Rotterdam Centraal – Breda – Belgische grens van 16 paden per richting per dag, met een maximum van één pad per richting per uur;
met spoorvoertuigen die een snelheid van ten minste 300 kilometer per uur kunnen bereiken, op het baanvak Amsterdam – Schiphol – Rotterdam Centraal – Belgische grens van 32 paden per richting per dag gemiddeld over het dienstregelingsjaar, met een maximum van twee paden per richting per uur.
voor standaard goederenvervoer een bedieningsfrequentie van in iedere richting:
Van/naar
Via
Naar/van
Paden/uur buiten de spits
Paden/uur in de spits
Amersfoort
Deventer
Oldenzaal grens
1
1
Amersfoort
Zwolle
Groningen
1
0,5
Beverwijk/Amsterdam Westhaven
Breukelen
Geldermalsen
2
1
Haarlem
Den Haag
Kijfhoek
1
0,5
Utrecht
Zevenaar
0
0
Kijfhoek
Roosendaal grens
2
1
Kijfhoek
Breukelen
Amersfoort
1
1
Kijfhoek
Boxtel
Eindhoven
1
1
Geldermalsen
Boxtel
1
0,5
Boxtel
Eindhoven
1
0,5
Sloe
Roosendaal
Tilburg
1
1
Tilburg
Geldermalsen
1
0,5
Zevenaar
Zevenaar grens
4
4
Eindhoven
Maastricht
Eijsden grens
2
1
Eindhoven
Venlo
1
0
Overige baanvakken
1
0
in afwijking van onderdeel e, voor goederenvervoer gedurende perioden dat er vanwege de aanleg van een derde spoor tussen Zevenaar en Oberhausen verminderde capaciteit beschikbaar is op het baanvak Kijfhoek – Zevenaar – Duitse grens, een bedieningsfrequentie in iedere richting
Van/naar
Via
Naar/van
Paden/uur buiten de spits
Paden/uur in de spits
Kijfhoek
Boxtel
Eindhoven
4
4
Eindhoven
Venlo
4
4
Deventer
Oldenzaalse grens
2
2
**2.** De beheerder streeft met betrekking tot de paden voor het nationaal en internationaal hogesnelheidspersonenvervoer, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en d, naar een redelijke verdeling over het uur.
**3.** De minimale niveaus, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, zijn niet van toepassing op de in de bijlage behorende bij dit besluit aangeduide baanvakken voor goederenbestemmingsverkeer, indien het standaard goederenvervoer niet een aan die baanvakken gelegen herkomst- of eindbestemming heeft.
§ 4
Artikel 8
Artikel 8
Onderdeel van Besluit capaciteitsverdeling hoofdspoorweginfrastructuur· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026