**1.** De raad stelt een onderzoek in naar luchtvaartongevallen, niet zijnde een luchtvaartongeval als bedoeld in artikel 1, tweede lid, en ernstige luchtvaartincidenten, betreffende:
een luchtvaartuig op of boven het grondgebied van Nederland met inbegrip van de territoriale zee,
een Nederlands luchtvaartuig boven volle zee of
een Nederlands luchtvaartuig in het buitenland, indien de betrokken staat geen onderzoek instelt, indien deze het onderzoek aan de Nederlandse autoriteiten overlaat of indien niet kan worden vastgesteld dat de plaats van het voorval binnen het grondgebied van enige staat ligt en niet met een andere staat wordt overeengekomen dat deze het onderzoek verricht.
**2.** De raad kan het onderzoek naar een luchtvaartongeval of een ernstig luchtvaartincident met een ander dan een Nederlands luchtvaartuig geheel of gedeeltelijk overlaten aan een andere staat indien deze naar zijn oordeel op voldoende deskundige wijze het onderzoek zal verrichten en deze met het instellen van een onderzoek instemt. Indien het luchtvaartongeval of een ernstig luchtvaartincident heeft plaatsgevonden op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Unie kan het onderzoek waarbij een Nederlands luchtvaartuig is betrokken worden overgedragen aan een andere lidstaat.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Rijkswet
Onderzoeksraad voor veiligheid in werking treedt. Treedt voor wat betreft het onderzoek naar ongevallen en incidenten met een
zeeschip, niet zijnde een oorlogsschip, marinehulpschip of ander
schip dat in gebruik is voor de uitvoering van de militaire taak in werking op 1 januari 2010 (Stb. 2009/563).
§ 3
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Besluit Onderzoeksraad voor veiligheid· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 februari 2005