Tot een spoorwegemplacement behoren:
alle sporen, aangeduid met een cijfer;
de spoorgedeeltes van het wisselcomplex; en
alle sporen die grenzen aan de sporen als bedoeld in onderdeel a en b, tot een maximale afstand van 200 meter voor het toeleidende sein van het bedoelde emplacement of tot de maximale afstand voor het toeleidende sein zoals aangegeven in de netverklaring.
Hoofdstuk 5
Artikel 39
Artikel 39
Onderdeel van Regeling spoorverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 17 december 2021