**1.** Een passagiersschip waarvoor het veiligheidscertificaat voor passagiersschepen, behorend bij richtlijn 2009/45/EG, benodigd is, voldoet aan de ingevolge de artikelen 6, eerste tot en met derde lid, en vijfde tot en met zevende lid, en 7 van die richtlijn op dat schip toepasselijke eisen.
**2.** Als zeegebieden van de klassen A, B, C en D als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van richtlijn 2009/45/EG worden aangewezen de in bijlage 4 bij deze regeling aangegeven zeegebieden. De binnengrens van het zeegebied dat het dichtst bij de kustlijn ligt wordt aangewezen volgens de Wet grenzen Nederlandse territoriale zee.
**3.** Aan boord van schepen als bedoeld in het eerste lid, gebouwd op of na 1 oktober 2004, worden met inachtneming van de in bijlage III van richtlijn 2009/45/EG opgenomen richtsnoeren passende maatregelen getroffen voor de veiligheid van en de toegankelijkheid voor personen met verminderde mobiliteit.
**4.** Het derde lid is, voorzover dat in economisch opzicht redelijk en uitvoerbaar is, van overeenkomstige toepassing op schepen, gebouwd voor 1 oktober 2004, die na die datum een ingrijpende reparatie, aanpassing of wijziging als bedoeld in richtlijn 2009/45/EG ondergaan.
Artikel II van Stcrt. 2026/14713 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Treedt in werking op het tijdstip waarop het Wijzigingsbesluit
Schepenbesluit 2004 (aanpassen bepalingen betreffende het nationaal
veiligheidscertificaat en enige andere wijzigingen) in werking treedt.
Hoofdstuk 3 › § 1
Artikel 19
Eisen aan passagiersschepen in nationale vaart (EU)
Onderdeel van Regeling veiligheid zeeschepen· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026