Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 3

Artikel 34a

Typegoedkeuringen voor scheepsuitrusting op Caribisch-Nederlandse schepen

Onderdeel van Regeling veiligheid zeeschepen· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 18 september 2016

1. Uitrusting waarvoor bij plaatsing aan boord van een Caribisch-Nederlands schip, gelet op de op dat schip toepasselijk eisen, een typegoedkeuring vereist is, is van een door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie goedgekeurd type. 2. Onder uitrusting waarvoor een typegoedkeuring vereist is, wordt mede verstaan uitrusting als bedoeld in voorschrift V/18.7 van het SOLAS-verdrag. 3. Met uitrusting van een door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie goedgekeurd type wordt gelijkgesteld uitrusting: die is voorzien van een stuurwielmarkering als bedoeld in de Wet scheepsuitrusting 2016; met betrekking waartoe een daaraan gelijkwaardige typegoedkeuring is verleend door de bevoegde autoriteit van de Verenigde Staten of van Canada, met inachtneming van de voor die goedkeuring opgestelde richtlijnen en standaarden van de IMO. 4. Aan een typegoedkeuring als bedoeld in het eerste lid kunnen beperkingen met betrekking tot het gebruik van de desbetreffende uitrusting worden verbonden. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet scheepsuitrusting 2016 in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel