Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Algemene begrippen

Onderdeel van Wet financiering sociale verzekeringen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; SVB: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; Zorginstituut: het Zorginstituut Nederland, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet; zorgautoriteit: de Nederlandse Zorgautoriteit, bedoeld in de Wet marktordening gezondheidszorg; Ouderdomsfonds: het Ouderdomsfonds, genoemd in artikel 82, eerste lid; Nabestaandenfonds: het Nabestaandenfonds, genoemd in artikel 82, tweede lid; vervallen; Fonds langdurige zorg: het Fonds langdurige zorg, genoemd in artikel 89; Algemeen Werkloosheidsfonds: het Algemeen Werkloosheidsfonds, genoemd in artikel 93; vervallen; Uitvoeringsfonds voor de overheid: het Uitvoeringsfonds voor de overheid, genoemd in artikel 106; Arbeidsongeschiktheidsfonds: het Arbeidsongeschiktheidsfonds, genoemd in artikel 112; vervallen; werknemer: de werknemer in de zin van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; overheidswerknemer: de werknemer bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Werkloosheidswet; werkgever: de werkgever in de zin van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; overheidswerkgever: de werkgever, bedoeld in artikel 1, onderdeel i, van de Werkloosheidswet; burgerservicenummer: het nummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer; vervallen; inspecteur of ontvanger: de functionaris van de rijksbelastingdienst die als zodanig bij regeling van Onze Minister van Financiën is aangewezen; loontijdvak: het loontijdvak, bedoeld in artikel 25, eerste en vierde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964; vervallen; Werkhervattingskas: de Werkhervattingskas, genoemd in artikel 113a; WGA-uitkering: de werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten, bedoeld in artikel 54 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel