Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 15

Algemene bepaling

Onderdeel van Regeling beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2006· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2007

1. Het college herberekent het normatieve bedrag voorlopig op basis van het financieel verslag 2006 en de jaarstaat 2006 van de zorgverzekeraars. Voor de verzekeringsduur van de verzekerden baseert het college zich op het Referentiebestand verzekerden Zorgverzekeringswet van SA-Z. Wanneer een verzekerde gedurende een bepaalde periode bij meerdere zorgverzekeraars is ingeschreven, wordt de periode verdeeld naar rato van het aantal zorgverzekeraars waar de verzekerde gedurende die periode ingeschreven is geweest. 2. Voor de herberekening, bedoeld in het eerste lid, bepaalt het college het aantal verzekerden per FKG 2006 per zorgverzekeraar als volgt: Uitgangspunt is de opgave van alle declaraties farmaceutische hulp 2006 van de zorgverzekeraar aan het college. Op basis van de opgave bedoeld onder a bepaalt het college het aantal verzekerden per morbiditeitsrisicoklasse per FKG 2006 dat in 2006 aan de in artikel 4, eerste lid, genoemde voorwaarden voldoet. Daarbij splitst het college de FKG 2006 0 in FKG onbekend en FKG 2006 0. Het college bepaalt alle gewichten voor FKG 2006-onbekend op 0,00. Het college stelt de prevalentieontwikkeling 2005–2006 per morbiditeitsrisicoklasse per FKG 2006 gelijk aan de prevalentieontwikkeling 2004-2005 per morbiditeitsrisicoklasse per FKG 2006, zoals vermeld in bijlage 1. Het college schaalt met behulp van de onder d bepaalde prevalentieontwikkeling de aantallen verzekerden per morbiditeitsrisicoklasse per FKG 2006 terug naar de prevalentie 2005, sommeert deze over de morbiditeitsrisicoklassen en rondt deze som af op nul decimalen. 3. Voor de voorlopige herberekening, bedoeld in het eerste lid, bepaalt het college het aantal verzekerden per DKG 2006 per zorgverzekeraar als volgt: Uitgangspunt is de opgave van de zorgverzekeraar per 1 juni 2007 van de declaraties van alle DBC’s die in 2005 geopend zijn. Op basis daarvan bepaalt het college het aantal verzekerden dat in 2005 aan de in artikel 4, derde lid, genoemde voorwaarden voldoet. Het college bepaalt per zorgverzekeraar met behulp van een koppeling op basis van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer, op basis van de verzekerden per DKG 2005, de rechtstreeks aan een zorgverzekeraar in 2006 toe te wijzen verzekerden per DKG 2006. Bij ontbrekende of onvolledige aanlevering van DBC-gegevens door de zorgverzekeraar zal het college op basis van overige beschikbare gegevens de aantallen DKG’s door middel van een raming aanvullen. Het college bepaalt het aantal verzekerden in de categorie DKG 0 of DKG onbekend door per zorgverzekeraar het totaal aantal verzekerden te verminderen met het resultaat onder b. Voor verzekerden woonachtig in het buitenland bepaalt het college het gewicht DKG 2006 onbekend op 0,00. Voor de overige verzekerden bepaalt het college het gewicht van DKG 2006 onbekend op DKG 0. 4. Het college bepaalt met behulp van opgaven van de Belastingdienst en het UWV, het referentiebestand van SA-Zorg over 2006 en de verzekerdenopgaven van de zorgverzekeraars de aantallen verzekerden per aard van het inkomenklasse 2006. 5. Het college bepaalt met behulp van het referentiebestand SA-Zorg (ziekenfondsen) per 1 december 2005 en het referentiebestand van SA-Zorg over 2006, en de opgave van de zorgverzekeraars over de verzekerden naar viercijferige postcode van het adres waar de verzekerde woonachtig is, de aantallen verzekerden naar regioklasse 2006.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel