Indien er ten aanzien van een asielzoeker
voor 1 januari 2000 op diens asielaanvraag in eerste aanleg in negatieve zin is beslist;
een last tot uitzetting is gegeven; en
door de korpschef van de politieregio waar de vreemdeling zijn woon- of verblijfsplaats heeft is meegedeeld dat hij Nederland moet verlaten,
eindigen de verstrekkingen, in afwijking van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b van deze regeling, op de dag waarop de asielzoeker Nederland ingevolge de mededeling van de korpschef dient te verlaten.
Hoofdstuk VII
Artikel 23
Artikel 23
Onderdeel van Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 5 februari 2005