Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zendt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën binnen vier jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten in de praktijk van de levensloopregeling, bedoeld in artikel 19g van de Wet op de loonbelasting 1964, en de ouderschapsverlofkorting, bedoeld in artikel 8.14b van de Wet inkomstenbelasting 2001.
De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel XIV
Artikel XIV
Onderdeel van Wet aanpassing fiscale behandeling VUT/prepensioen en introductie levensloopregeling· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2005