Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 28

Geen aanspraak op bezoldiging ingeval van herplaatsing

Onderdeel van Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 11 mei 2005

1. De in artikel 26 bedoelde aanspraak op volledige of gedeeltelijke bezoldiging eindigt indien de ambtenaar op grond van artikel 58a van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie wordt herplaatst. 2. Indien de herplaatsing, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt voordat de termijn van twee jaar, bedoeld in artikel 121, derde lid, onderdeel a, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie is verstreken en de bezoldiging van de ambtenaar als gevolg van de herplaatsing vermindering ondergaat, heeft hij tot het eind van de genoemde termijn recht op een aanvullende uitkering. 3. De aanvullende uitkering, bedoeld in het tweede lid, bedraagt het verschil tussen het bedrag waarop de ambtenaar op grond van artikel 26 recht zou hebben gehad indien hij niet zou zijn herplaatst en zijn bezoldiging na herplaatsing, in voorkomend geval vermeerderd met een uit de oorspronkelijke betrekking voortvloeiend recht op uitkering op grond van de WAO en herplaatsingstoelage.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel