Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 61

Verschuldigde bedragen wegens gebruik van een woning

Onderdeel van Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 2 augustus 2006

1. De ambtenaar is voor het gebruik van een woning die door Defensie beschikbaar is gesteld en voor verdere verstrekkingen in die woning waarvan de kosten niet afzonderlijk kunnen worden vastgesteld, per maand een bedrag verschuldigd aan Defensie, overeenkomende met de hierna genoemde percentages van zijn berekeningsbasis: voor het gebruik van de woning: die in Nederland is gelegen: 12%; die buiten Nederland is gelegen: 17%; voor verwarming van de woning: 2,4%; voor energie voor kookdoeleinden: 0,9%; voor elektrische energie, anders dan voor verwarming van de woning en voor kookdoeleinden: 0,9%; voor leidingwater: 0,4%, zulks met inachtneming van door Onze Minister aan te geven maxima voor de verstrekkingen bedoeld onder b tot en met e. 2. Indien de ambtenaar aantoont dat de huurwaarde van de woning voor de heffing van de inkomsten- en loonbelasting minder bedraagt dan het op grond van het bepaalde in het eerste lid geldende bedrag wegens het gebruik van de woning, wordt het verschuldigde bedrag op dat van die huurwaarde gesteld. 3. Voor het gebruik van de verstrekkingen genoemd in het eerste lid, onderdeel b tot en met e, is geen bedrag verschuldigd in het geval, bedoeld in het tweede lid, en in de gevallen waarin tevens kost en inwoning wordt verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel