De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer kan van artikel 3, tweede lid, onder a, b en c, afwijken, indien:
het gevolg van die afwijking is dat projecten vanuit het oogpunt van doelmatigheid en kostenbeheersing gezamenlijk uitgevoerd worden met andere werken aan de (spoor)weg;
dit, gelet op het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard;
toepassing wordt gegeven aan artikel 1a van het Besluit geluidhinder spoorwegen;
toepassing wordt gegeven aan artikel 99a van de Wet geluidhinder.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Regeling vaststelling subsidieplafond sanering verkeerslawaai 2006 en criteria subsidieverlening· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2006