**1.** De Dienst Toeslagen stelt de belanghebbende in de gelegenheid een terugvordering te betalen in maandelijkse termijnen van € 20 mits hij voldoet aan door de Dienst Toeslagen nader te stellen voorwaarden.
**2.** Op schriftelijk verzoek van de belanghebbende stelt de Dienst Toeslagen de belanghebbende in de gelegenheid een bestuurlijke boete te betalen in maandelijkse termijnen van € 20 mits hij voldoet aan door de Dienst Toeslagen nader te stellen voorwaarden.
**3.** Een betaling van de terugvordering of bestuurlijke boete in maandelijkse termijnen eindigt uiterlijk op de dag waarop sedert de vervaldag van de voor de terugvordering of bestuurlijke boete geldende betalingstermijn 24 maanden zijn verstreken. Indien de omvang van de terugvordering of bestuurlijke boete betaling in 24 maandelijkse termijnen van € 20 niet toelaat, kan de Dienst Toeslagen, in afwijking van het eerste en tweede lid, een betaling in maandelijkse termijnen van meer dan € 20 verlangen.
**4.** Indien de belanghebbende bij de betaling van de terugvordering of bestuurlijke boete in maandelijkse termijnen, bedoeld in het eerste lid, onderscheidenlijk tweede lid, niet voldoet aan de nader gestelde voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, onderscheidenlijk tweede lid, stelt de Dienst Toeslagen de belanghebbende op diens verzoek in de gelegenheid de terugvordering of bestuurlijke boete alsnog te betalen in maandelijkse termijnen. In dat geval eindigt deze betaling in maandelijkse termijnen uiterlijk na 24 maanden gerekend vanaf de dag van de dagtekening van de beschikking waarin de Dienst Toeslagen de betaling in termijnen toestaat. De kosten van invordering die reeds zijn ontstaan voordat het verzoek om de betaling in maandelijkse termijnen wordt gehonoreerd worden onderdeel van de betreffende betalingsregeling.
**5.** Op schriftelijk verzoek van de belanghebbende die aangeeft niet in staat te zijn een of meer terugvorderingen of bestuurlijke boetes overeenkomstig de voorgaande leden te betalen kan de Dienst Toeslagen, in afwijking in zoverre van de voorgaande leden, een betaling in termijnen toestaan gebaseerd op de betalingscapaciteit. De berekening van de betalingscapaciteit vindt plaats op de voet van artikel 13 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990, met dien verstande dat de Dienst Toeslagen het netto-besteedbare inkomen van de belanghebbende vermeerdert met het netto-besteedbare inkomen van de persoon die ten tijde van de indiening van het verzoek als partner in de zin van artikel 3 van de wet kan worden beschouwd.
**6.** Een betalingsregeling als bedoeld in het vijfde lid wordt niet toegestaan indien de belanghebbende of de in dat lid bedoelde partner over vermogen in de zin van artikel 12, eerste tot en met vierde lid, van de Uitvoeringregeling Invorderingswet 1990 beschikken voor de voldoening van de terugvorderingen en de bestuurlijke boetes waarop het verzoek, bedoeld in het vijfde lid, betrekking heeft, met dien verstande dat bevoorrechte schulden op het vermogen in mindering worden gebracht.
**7.** In afwijking van het zesde lid kan de Dienst Toeslagen op verzoek van de belanghebbende indien het vermogen van de belanghebbende of de partner, bedoeld in het vijfde lid, bestaat uit bezittingen waarvan het onredelijk bezwarend is om deze terstond liquide te maken, ten aanzien van een of meer terugvorderingen een betalingsregeling als bedoeld in het vijfde lid toestaan, met een verlenging van de betalingstermijn met maximaal 48 maanden, waarin een bedrag gelijk aan de waarde in het economische verkeer van de betreffende bezittingen, verminderd met de op die bezittingen betrekking hebbende bevoorrechte schulden van de belanghebbende of die partner, wordt voldaan onder door de Dienst Toeslagen te stellen voorwaarden. In geval een belanghebbende onvoldoende betalingscapaciteit heeft om een bedrag gelijk aan deze waarde af te lossen, lost de belanghebbende maandelijks een lager bedrag af gebaseerd op de aanwezige betalingscapaciteit.
**8.** Indien de Dienst Toeslagen een betalingsregeling als bedoeld in het vijfde lid toestaat die zowel betrekking heeft op een of meer terugvorderingen als op een of meer bestuurlijke boetes, strekken de betalingen van de belanghebbende eerst ter voldoening van de terugvorderingen alvorens deze strekken ter voldoening van de bestuurlijke boetes.
**9.** Een betalingsregeling als bedoeld in het vierde, vijfde of zevende lid wordt niet toegestaan indien het belang van de invordering zich verzet tegen het verlenen van de betalingsregeling.
Artikel 7
Uitstel van betaling in verband met betalingsproblemen
Onderdeel van Uitvoeringsregeling Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026