**1.** De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of bijdragen aan de capaciteitsversterking van, dienstverlening door en het voeren van dialoog door maatschappelijke organisaties in of voor lage- en middeninkomenslanden om beleidsdoelstellingen te behalen op een van de volgende thema’s:
bestrijden van HIV/Aids;
tegengaan van schadelijke praktijken;
bevorderen van schone en eerlijke handel;
stimuleren van vrouwelijk ondernemerschap;
tegengaan van geweld tegen vrouwen en steun aan vrouwenrechtenverdedigers;
versterken van de positie van vrouwen in vrede- en veiligheidsprocessen; of
beschermen en promoten van mensenrechten en fundamentele vrijheden van religieuze minderheden en lhbtiq+ personen.
**2.** De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of bijdragen aan het stimuleren van Nederlandse particuliere ontwikkelingsinitiatieven, uitgezonderd activiteiten gericht op beleidsbeïnvloeding in Nederland en activiteiten gericht op beleidsbeïnvloeding op internationaal niveau.
**3.** Voor subsidie als bedoeld in het eerste en tweede lid kunnen alleen maatschappelijke organisaties in aanmerking komen.
Artikel II van Stcrt. 2026/14628 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Afdeling 4
Artikel 4.2
Artikel 4.2
Onderdeel van Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 21 april 2026